Australië … 10 Maart 2003

Het staat al jaren op het verlanglijstje: zwemmen met de walvishaai, de grootste vis op aarde. Dat kan maar op een paar plekken ter wereld, want deze gigant is niet al te wijd verspreid. In het Ningaloo National Marine Park zijn ze soms wél goed vertegenwoordigd. In de derde week van maart begint hier aan de Australische westkust het whaleshark-seizoen. Dus dé plek om ons verlanglijstje wat korter te maken.

We zijn eigenlijk een paar weken te vroeg voor de eerste walvishaaien. Gelukkig is deze week de eerste in de baai van Coral Bay gesignaleerd en heeft CoralBayDivers de eerste trips georganiseerd. We hebben extreme korting gekregen, omdat ze de aanwezigheid van de big boys nog niet kunnen garanderen.

Allebei zijn we iets nerveus als we ons melden bij CoralBayDivers. Hier hebben we een groot deel van de reis 'omheen gepland'. Gaat het vandaag dan écht gebeuren?

De boot van het bedrijf ligt buiten de haven, want de haven is hier erg ondiep. Met een dinghy worden we vanaf een parelwit strand richting de boot gebracht.

De boot is superruim en voelt dus niet druk, ook al zijn we met 20 man. Hoog boven ons hoofd vliegt een vliegtuig van CoralBayDivers, vandaag verantwoordelijk voor het 'spotten' van de manta's en whalesharks.

Terwijl wij op de boot een briefing krijgen over de gang van zaken, spot de piloot slechts enkele minuten later al de eerste manta! Natuurlijk komt iedereen voornamelijk voor een whaleshark, maar de enorme manta's blijven ook welkom. Die staan bijna net zo hoog op het lijstje als een walvishaai.

Algauw zijn we in de buurt van de manta. De piloot helpt ons van boven nog even door de exacte plek aan te geven en verdwijnt dan snel uit zicht. Hij gaat op zoek naar het hoofdmenu van vandaag (de whalesharks), terwijl wij genieten van een lekker voorgerecht (de manta).

Het zicht in de baai is extreem slechts met minder dan 1 meter. De piloot geeft nog even door dat de manta aan het 'barrel rolling' was: hij maakt continue salto's in het water om beter te kunnen eten. Iedereen op de boot kijkt dus uit naar witte plekken in het water. De buik van een manta is wit, dus tijdens salto's zie je ze dus sneller door een terugkerende witte plek in het water.

We worden verdeeld in 2 groepen van 10 man. Elke groep krijgt een 'swimmer guide' mee. Deze zal in het water de manta opzoeken en via handsignalen de rest van de groep de juiste kant opsturen.

Uit het dagboek van Jeroen:
Als de guide de manta eindelijk gezien heeft, mogen wij het water in. Onder water is echt helemaal niets te zien! Dikke, witte snert zorgt ervoor dat ik niet eens mijn eigen handen kan zien, laat staan een barrel rolling manta! Terwijl dat slagschip toch een doorsnee van een paar meter heeft.

Als ik naast de gids ben, tuur ik me suf en zie niets anders dan plankton en vinnen van mede-tuurders. Iedereen is door elkaar heen aan het zwemmen en de chaos is compleet. Plotseling verschijnt vlak onder mij op een halve meter een enorme witte vlek. Het is de buik van de manta die ergens onder mij nog steeds salto's maakt! Ik zie een klein, zwart oog en een del van een opengesperde bek. Het oog kijkt mij duidelijk recht aan, maar verdwijnt weer snel in de snert. De witte buik gaat nog even door, kieuwen komen voorbij en wat remora's (soort van kleefvissen).

Binnen 1 seconde is de manta ray weg, zijn buitelingen buiten mijn gezichtsveld voortzettend. Ik blijf stil liggen, wachtend op de volgende buiteling... Maar helaas. Hij laat zich niet meer zien.

Angelique heeft meer geluk dan Jeroen. Ook zij ziet hem op minder dan een halve meter onder zich door schieten. Ze beheerst de drang om hem aan te raken, zo dichtbij komt hij! Wel zit (of beter: ligt) ze op de eerste rang qua zicht. Zij heeft de manta ray écht van binnen gezien, door de opengesperde bek. Echt fantastisch...

Dit is niet een foto van ons en zo duidelijk konden we hem niet zien... (bron: Webshots)

Idem.

Als we weer aan boord klimmen, is de lichte teleurstelling over het zicht snel verdwenen. De piloot heeft net buiten de baai een whaleshark gezien! Een uur later zijn we er, buiten het beschermende rif van Coral Bay. Dat betekent meer golfslag, maar gelukkig ook veel beter zicht.

De schipper legt de boot in de baan van de walvishaai om eerst de swimmer guide in het water te laten. Als de gids in het water ligt, schreeuwt de rest van de crew in welke richting hij (of zij) de vis moet zoeken. Wij kunnen namelijk erg goed zien waar het lijdend voorwerp van onze aandacht zich bevindt. Veel beter dan de gids die al in het water ligt.

Het duurt even voor de gids ook onderwater de walvishaai ziet. Toch raar: hoe kan je zo'n grote vis onder water over het hoofd zien? Het water is toch redelijk helder en die knaap is even groot als een boot. Later zullen we merken dat ook wij zo'n reus over het hoofd kunnen zien.

De gids gaat de vis volgen, met zijn vuist in de lucht boven water. Die vuist wordt ons baken. De schipper gooit de boot weer om en vaart een paar honderd meter verder in de baan van de vis.

Ondertussen staat onze groep van 10 op het kleine, wankele achterdek van de boot. Iedereen in wetsuit, duikbril op en de flippers aan de voeten. We staan als sardientjes tegen elkaar gepropt, de twintig kleurige flippers die we dragen vrolijk (maar gevaarlijk) ineengestrengeld op het dek. Het lijken er veel meer dan twintig, trouwens. Het metalen achterdek onder onze voeten is één zee van roze, geel, felgroen en lichtblauw.

Het is bloedheet in onze wetsuits onder de felle zon en de crew spuit ons steeds nat met water.

Jeroen staat zijn duikbril nog even schoon te maken en dan gebeurt natuurlijk het onvermijdelijke. Na vele jaren trouwe (maar vooral BE-trouwbare) dienst knapt de band van de duikbril af. Juist op dit moment... terwijl we wachten op het teken om het frisse water in te springen... terwijl we de grootste vis ter wereld gaan zien... terwijl onze wetsuits en flippers aan elkaar zijn gaan kleven van de hitte...

Iedereen staat half tegen elkaar (de andere helft over elkaar), delicaat balancerend om het evenwicht te bewaren. Grote flippers en strakke wetsuits maken het namelijk erg moeilijk te manoeuvreren. Zeker op een klein, metalen achterdek. Iedereen heeft elkaar nodig om niet om te vallen. Dit delicate balans moet Jeroen nu gaan verstoren.

Na veel geduw, getrek, boze blikken en gestruikel over flippers van anderen, schuifelt Jeroen het veilige hoofddek op. Hij grijpt uit de bak met reserve onderdelen een felgele duikbril, de enige kleur die hij nog niet aan had. Het kleurt lekker bij zijn lichtblauwe wetsuit en de roze flippers. Als het die whaleshark maar niet afschrikt, denkt iedereen.

Ondertussen is een grote, donkere schaduw de boot bijna genaderd. Een kleine vuist steekt boven het water uit. De gids moet snel zwemmen om de vis bij te houden.

Als Jeroen weer terug is op het achterdek met de veel te grote duikbril, is het weer duwen, trekken en balanceren voor de hele groep. Veel tijd om balans te vinden, hebben we niet. We krijgen het signaal om langzaam het water in te glijden, zonder veel gespetter. Dit om de whaleshark niet te veel af te schrikken.

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De hele groep dondert als één geheel voorover het water in. Dit kan komen door het feit dat we allemaal aan elkaar gekleefd zitten. Het kan ook komen door onze zenuwen.

Uit het dagboek van Jeroen:
Onder water is het zicht super! Het is zeker 10 meter. Echter, ik zie nog geen reusachtige vis, gevolgd door een kleine gids. Mijn geleende duikbril loopt direct halfvol met zeewater. Ik kijk boven water, op zoek naar een vuist. Ongeveer 20 meter naar links zie ik een vuist aankomen. Snel kijk ik weer onder water naar links... niets.

Uitgebreid kijk ik naar rechts, want misschien is hij al voorbij. Als ik weer in de richting van de gids kijk, is mijn beeld opeens gevuld met een enorm gevaarte. Ongeveer 10 meter links van mij zie ik een enorme bek, plat en breed, kleine zwarte oogjes, een groot bruin lijf met witte stippen en een giga staart van zeker 2 meter hoog.

In mijn ogen een reusachtige vis, terwijl dit nog een kleintje is. Volwassenen kunnen tussen de 12 en 18 meter worden. Achteraf schat de crew dit exemplaar als 5 meter groot, maar voor ons lijkt hij de eerste keer wél 25 meter lang!

Hij schiet voorbij en binnen 5 seconden zie ik alleen nog maar een grote staart. Hij gaat zo snel dat het geen zin heeft mee te zwemmen. Ik dobber wat rond, helemaal opgelucht en opgelaten van de 'ontmoeting'.

De rest van de groep geeft de achtervolging ook snel op en we wachten met zijn allen in het heldere water. De schipper heeft 100 meter naar het zuiden de 2e groep gedropt in de baan van de walvishaai. Na 5 minuten dobberen komt hij ons oppikken.

Tien minuten later liggen ook wij weer in het water, weer in de baan van de vis. Ook de 2e keer kijken we lang onder water in de richting van de vis en ook nu worden we weer verrast door de vis. Nu zwemt hij ongeveer 10 meter onder ons, vlak over de bodem. Ook nu is hij weer snel voorbij.

De 3e keer zwemt Jeroen niet in de richting van de gids, maar schuin naar voren op de zwemrichting. Zo komt hij precies in het pad van de vis te liggen. Hij ziet hem dus recht van voren aankomen en kan recht in zijn bek kijken. Snel zwemt hij opzij, want volgens de strenge regels moet je op 4 meter afstand blijven van een walvishaai. Dat is ook best verstandig, want die staart is krachtig genoeg om je uit het water te slaan.

De 4e en laatste keer glijden we als laatste het water in. De groep snelt zich naar rechts, richting de vuist van de gids. De gids zwemt van ons af en we zien direct dat het geen zin heeft om er achteraan te zwemmen. Het gaat allemaal zo snel. Als je een achterstand hebt, haal je die nooit meer in. We geven dus direct op, terwijl de rest naar rechts achter de gids aansnelt.

We turen onder water naar de grote scholen vis, voornamelijk barracuda. Opeens duikt links van ons een enorme bek van 2 meter breed en een bruin lichaam van 5 meter. We schrikken ons lam! Waar komt die opeens vandaan?

Blijkbaar is de whaleshark plotseling van richting verandert en compleet de andere kant opgezwommen. Hij ontwijkt zo de rest van de groep, die op zijn oude pad lag. Nu liggen wij recht op zijn pad! En hij stopt voor niemand! Ook niet voor snorkelaars die alle kleuren van de regenboog aanhebben en evenveel licht uitstralen als de vijfde baan van Schiphol.

Hij is ons op 2 meter genaderd als we van de schrik bekomen. We sprint-zwemmen uit zijn baan, want we willen geen zwiep krijgen van zijn enorme staart. Hij schiet achter ons langs op een meter afstand, nauwelijks bewegend, maar toch supersnel. Heel gracieus.

Wat een prachtig dier! Hoe kan zo'n groot dier er zo lief eruit zien en zo subtiel bewegen? We zijn diep onder de indruk, zoals vaker tijdens deze trip.

Na de vierde keer laten we hem met rust. De regels van de CALM (Department of Conservation And Land Management) zijn heel duidelijk over hoelang een boot bij een whaleshark mag blijven.

Na dit fantastische hoofdgerecht gaan we in de baai van Coral Bay nog even een toetje opzoeken. We snorkelen 's middags lekker lang op een plek waar altijd black-tipped reefsharks zijn. Een stuk agressiever dan hun verre neef, de lieve whaleshark. Maar nog steeds ongevaarlijk, ook voor snorkelaars met roze flippers, een lichtblauwe wetsuit en een veel te grote, felgele duikbril.

Daar is-tie dan: onze whale shark!

Onze whale shark.

Onze whale shark.

Dit is niet een foto van ons, maar zo duidelijk konden we hem wél zien...(bron: Yasu Kagii)

Ook geen foto van ons, maar geeft een goed beeld.(bron: Yasu Kagii)

Wat rifhaaien, tijdens het snorkelen. Beetje moeilijk te zien, maar ze staan er écht op...

Wat rifhaaien, tijdens het snorkelen. Beetje moeilijk te zien, maar ze staan er écht op...

Alle verhalen van Australië…

Alle landen…

Recent toegevoegde verhalen op deze site…