Indonesië … September 2002

Via een aantal toeristische spots rijden we van Brastagi naar Lake Toba (Danau Toba), in het midden van noord Sumatra. De meeste van deze toeristische spots zijn compleet uitgestorven. Het schijnt dat de laatste drie jaar op Sumatra héél weinig toeristen zijn, hetgeen de toch al zwakke economie niet helpt.

Naast uitgestorven zijn de toeristische spots ook compleet nutteloos. Misschien is dat de reden dat ze uitgestorven waren. We bezoeken een authentiek Batak dorp, een King's Palace en een waterval. Eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat de betreffende waterval (Air Tejun Sipiso Piso, ten noorden van het Toba-meer) wel mooi was.

We krijgen ook een mooi beeld dat de Indonesische manier van zakendoen. Ondanks het feit dat alle activiteiten inclusief waren tijdens de tocht van Brastagi naar Parapat (de haven voor Toba), moeten we voor alles bijbetalen. Overal staat wel iemand zijn hand op te houden, terwijl niet geheel duidelijk is waarvoor betaald moet worden. Wij vinden het niet zo erg, want we hadden toch al mazzel vanmorgen.

We zouden namelijk met een minivan gaan, maar door een fout van het bedrijf gaan we in een 4WD taxi. Prima, vinden wij. Helemaal als blijkt dat de 2 andere passagiers 175.000 pp betalen en wij 50.000. Dat scheelt. Wij vinden die extra betalingen dus niet zo erg, maar de andere 2 passagiers wél.

We worden het na 4 uur een beetje zat. Vooral als we bij de ingang van het stadje Parapat opeens bij een bord stoppen en iedereen weer moet betalen. Weer is het compleet onduidelijk precies waarvoor. Na aandringen wordt gezegd dat het voor de entree van de stad is. Aangezien alle andere auto's (mét en zonder toeristen) het bord en de bijbehorende meneer compleet negeren, maken ook wij geen aanstalten om te betalen. Na 15 minuten geven taxichauffeur en bord-meneer het op en rijden we door. Zo gaat dat dus in Indonesië.

Lake Toba (Danau Toba) is met ruim 1700km2 het grootste kratermeer ter wereld en maximaal 450m diep. Midden in dit enorme meer ligt een eiland: Pulau Samosir. Dit eiland is ongeveer zo groot als Singapore, maar dan bijna compleet onbewoond en onbegaanbaar.

Vanaf Parapat nemen we de boot richting het toeristische steunpunt Tuk-Tuk. Daar vinden wij onderdak in het fantastische Tabo Cottages (website), waar we een werkelijk prachtige kamer krijgen. Naast mooie kamers heeft het een gezellig restaurant annex relax-ruimte, waar engels-talige kranten liggen. Hier gaan we ons prima vermaken, denken wij.

Tuk-Tuk is weer een schiereiland van het grote Pulau Samosir eiland en staat barstensvol met hotels, restaurants en aanverwante zaken. Ook hier is het (jammer genoeg) geheel uitgestorven, waardoor het een trieste sfeer krijgt. Zoveel faciliteiten voor toeristen, maar er is niemand.

Pulau samosir lijkt qua vorm erg op Ayer's Rock in Australië: een grote steen met steile, ontoegankelijke wanden en een platte bovenkant. Samosir is alleen vele malen groter en heeft aan de randen een paar honderd meter plat. Als we dus een paar mountain bikes huren en langs de kust fietsen, rijden we continue over rijstvelden met aan de ene kant een steile, groene wand en aan de andere kant het diepblauwe kratermeer. Het is hier écht heel mooi!

Pulau Samosir.

We komen langs de weg veel schoolkinderen tegen en dat blijkt minder mooi. We krijgen een rotgevoel door de vele negatieve reacties als de kinderen ons zien. Tussen de (leuke) reacties door, krijgen we middelvingers, "money! money!", "fuck you!" en appels naar ons hoofd. Niet één maal, maar meerdere malen.

Naast schoolkinderen ontmoeten we ook leuke mensen: een Canadeese acteur, die eigenlijk helemaal geen acteur is, maar ze betalen hem ervoor, dus waarom niet; een engelsman met eigen bar op Koh Lanta en mooie en minder mooie verhalen over zakendoen in Thailand; de eigenaar van de mini-bioscoop die tevens een (zwaar verlies draaiend) Sumatra Magazine uitgeeft voor toeristen (website). De mooiste is een fietsende Italiaan, die we nu 3 keer(!) zijn tegengekomen in Azië: in Vientiane (Laos), Had Yai (Thailand) en hier op Toba. En hij heeft alles gefietst! Een andere Italiaan geeft hem de bijnaam Panoramix, want hij is echt een "spitting image". We gaan hem waarschijnlijk weer in Australië zien.

Panoramix

We blijven in totaal 10 dagen op Pulau Samosir. Elke dag zit er eigenlijk hetzelfde uit: we ontbijten met heerlijk Europees brood in ons restaurant (de eigenaars zijn Duits, vandaar), we drinken nog wat koffie en gaan dan 1 van onze grootste hobbies beoefenen: een filmpje kijken. We vinden namelijk al gauw een Engelsman die het briljante idee had om een mini-bioscoop te bouwen. Met zijn 2-en kan je deze mini-cinema huren voor 20.000Rp, waarbij je een film naar keuze krijgt. Aangezien hij de beschikking heeft over honderden DVD's, begrijp je ons gekwijl. Vooral omdat de meeste films gloednieuw zijn. Als een film een week in de bioscoop is, ligt hij hier in Azië al op DVD.

We zien dus: Training Day, Monsters Inc, Spy Game, K-PAX, Spiderman, The Sum Of All Fears, Big Daddy, Heist, Signs, Bad Company, The Pledge, High Crimes en Minority Report. Wees gerust, we doen ook meer dan alleen films kijken.

Vaak lopen we tegen de avond weer terug naar Tabo Cottages en genieten van de mooiste zonsondergangen en regenbogen (het regent hier vaak!). Een aantal keren zijn we echter te laat en is het reeds donker. Dat is een probleem, aangezien Tuk-Tuk geen straatverlichting heeft en het dus overal pikkedonker is. Als je langs restaurants en hotels loopt, zie je nog wel wat. Maar we moeten ook altijd via wat rijstvelden... We gaan dus op de tast door rijstvelden, met de paraplu als geleidestok en hard stampen tegen de slangen en ander ongedierte.

Alle verhalen van Indonesië…

Alle landen…

Recent toegevoegde verhalen op deze site…